Kerstparabel: De kleine ster en het Licht
- “For the times they are a-changin”.
- Spirituele ontwakings verschijnselen (transmutatie symptomen)
- Beheer jij je energieniveau?
- Vertrouwen en overgave
- Wat brengt het jaar 2012 ons?
- VREDIGE KERSTTAART
- Kerstparabel: De kleine ster en het Licht
- KIEZEN VOOR VREDE
- HEMEL OP AARDE
- Wat zegt fysieke pijn over onze ziel ?
- Nieuwetijdskinderen
- 11-11-2011 vanuit numerologisch perspectief
- OVER VERLIEFDHEID EN RELATIES
- Hoe goed ken jij jezelf?
- Barack Obama in moeilijke tijden
- Beschermengel
- Innerlijke schoonheid
- Hoe spiritueel is jouw huisdier?
- Numerologie:alle getallen voor 2011
Lang geleden, nog voor het begin van onze jaartelling, was er eens een kleine ster die temidden van duizenden andere sterren aan de hemel stond. Deze kleine ster was erg verdrietig want tussen al die andere flonkerende sterren aan de hemel, wist zij niet hoe ze kon stralen in de nacht. Zij wachtte al eeuwenlang op haar licht, zodat zij de mooiste en meest stralende ster kon zijn, die ooit had bestaan. Want dat was haar bestemming en haar diepste wens.
De kleine ster werd uiteindelijk een beetje ongeduldig, ze wachtte en droomde nu al zo lang om te kunnen stralen. In weer een donkere nacht besloot zij niet langer af te wachten, maar zelf op zoek te gaan naar haar licht. Zij zocht in alle hoeken en gaten van het universum. Ze reisde langs de zon, de maan en alle planeten, maar kon haar lichtje nergens vinden. Ze besloot toen de zon om hulp te vragen: “Wil jij misschien een beetje van jouw warme licht delen, zon? Zodat ik mijn licht kan laten schijnen in de donkere nacht?
Maar de zon barstte in lachen uit toen hij dit hoorde: “Wat een domme vraag, kleine ster. Als ik schijn is het dag en dan slapen de sterren. En als jullie sterren mogen stralen, dan ben ik niet aan de hemel” . Beschaamd ging de kleine ster maar weer verder. Ze dacht toen aan de maan, die immers ook aan de nachtelijke hemel schijnt. Daar ging ze naar toe en vroeg aan de maan: “Maan, wil jij jouw licht met mij delen, zodat wij samen kunnen stralen in de nacht”? De maan antwoordde: “Maar kleine ster, weet jij dan niet dat ik slechts het zonlicht weerspiegel en dus niets met je delen kan? “
De kleine ster werd er moedeloos van. Net toen ze dacht haar zoektocht maar op te geven, hoorde zij zulke wondermooie muziek dat zij verbaasd om zich heen keek. Waar kwam dat nu opeens vandaan? Zij zag zes schitterende engelen vliegen, hun vleugels glansden in het maanlicht en zij zongen hun mooiste liederen. “Waarom zingen jullie zo mooi in deze nacht, lieve engelen”? vroeg het sterretje hen bedeesd. “Wij zingen ons mooiste lied uit pure vreugde, omdat in deze nacht een bijzonder kind wordt geboren op aarde, dat zijn licht zal laten schijnen bij de mensen. In hun diepste duisternis zal hij hun pad verlichten en de hemel naar de aarde brengen.”
De kleine ster was diep onder de indruk van deze boodschap. Maar het viel wel haar op dat de engelen toch een beetje bezorgd leken te zijn. “Waarom kijken jullie dan zo bezorgd, lieve engelen? Dat is toch een vreugdevolle gebeurtenis, waarom verkondigen jullie die blijde boodschap dan niet aan de mensen op aarde”?
“Luister, lieve kleine ster, zei de mooiste engel, die Michaël heette. De mensen op aarde weten niet waar dit bijzondere kind wordt geboren. Omdat vannacht de maan niet schijnt op de aarde, is er niets wat hen de weg kan wijzen. De herders van het land en de wijzen die van verre komen, zij horen ons lied, maar de weg naar het kind weten zij niet. Zo zal niemand dit bijzondere kind kunnen vinden, verwelkomen op aarde en hem passende geschenken kunnen geven”.
Verdrietig zei de kleine ster:”Ik kan jullie ook niet helpen, engel Michaël, want ik zoek al eeuwen naar mijn licht. Ik heb overal gezocht en het aan iedereen gevraagd, maar mijn licht heb ik niet kunnen vinden”. Engel Michaël keek onze kleine ster toen glimlachend aan en zei “Lieve kleine ster, er is één plek waar je nog niet hebt gezocht en waar je het licht zeker zult vinden. De plek waar jouw stralende licht altijd al was, maar waar je niet hebt gekeken”. Hij legde zijn schitterende vleugels liefdevol op het hart van de kleine ster.
Deze voelde hoe ze plotseling heel warm werd van binnen, ze ging helemaal gloeien en tot haar grote verbazing zag ze prachtig licht uit haarzelf komen. Steeds feller en krachtiger ging het schijnen en ze voelde hoe ze vanuit haar diepste wezen begon te glanzen en te stralen. Zielsgelukkig danste ze aan de hemel en straalde haar schitterende licht naar alle kanten uit. “Kijk, riep ze lachend, ik ben het Licht zelf, ik heb overal gezocht, maar niemand heeft me ooit verteld dat ik het alleen in mezelf kan vinden! Wat een heerlijk gevoel! Nu ik het eindelijk heb gevonden wil ik het zo graag met iedereen delen en stralen en schitteren waar ik maar kan. Nu kan ik jullie ook helpen om de geboorte van het kindje bekend te maken aan de mensen op aarde, zeg me maar waar ik heen moet gaan !”
Van dat aanbod wilde de engel Michael maar al te graag gebruik maken. Hij vertelde de kleine ster dat ze naar Bethlehem moest reizen, naar een kleine stal in het veld, bij de bergen in de buurt van Bethlehem. Dat ze haar allermooiste licht daar mocht laten schijnen om de weg te wijzen aan iedereen die het bijzondere kind wilde bezoeken.
Onze kleine ster schoot toen langs de hemel en straalde met zo’n oogverblindende kracht en schittering boven Bethlehem, dat de herders er wakker van werden en met hun schapen de heldere kleine ster gingen volgen. De wijzen die uit het oosten kwamen zagen ook die prachtige ster, die hen flonkerend de weg wees naar de plek, waar het kind van het Licht geboren zou worden. De bestemming van dit kind zou zijn, om anderen te laten zien dat het Licht in iedereen aanwezig is. En zo geschiedde het, dat de kleine ster er bij was, toen dit kind dat Jezus werd genoemd, ter wereld kwam. Toen het zijn ogen voor het eerst opende, zag hij de kleine ster aan de hemel stralen. En de kleine ster zag haar licht weerspiegeld in zijn ogen als twee fonkelende sterren, zodat zij nooit meer kon vergeten hoe stralend en schitterend zij werkelijk is.
© Marleen van Wegberg 2010. Alle rechten voorbehouden.